Boeddhistische Omroep
Boeddhistische Omroep
 Zoeken
TVRadioBhodiTVCybermonnikWat is bhoeddhisme?Over de BOS
TV ArchiefRadio Archief

Radio Archief

 
2001    |    2002    |    2003    |    2004    |    2005    |    2006    |    2007    |    2008    |    2009    |    2010

DE MIDDENWEG

Compassie, deel 2
Uitzenddatum: Zondag 31-1-2010 22:30 - 23:00 Radio 5
Beluister in Mediaplayer


GuanjinDeel 1, 24 januari 2010
Deel 2, 31 januari 2010
Deel 3, 7 februari 2010


Op 12 november 2009 vond de wereldwijde lancering plaats van het Charter for Compassion een initiatief van schrijfster Karen Armstrong. Aanleiding om eens wat dieper op het beoefenen van compassie binnen de verschillende boeddhistische stromingen in te gaan.

Vorige week hoorde u Frits Koster vanuit de theravadatraditie en vandaag in deel 2 is de beurt aan dharmaleraar Han de Wit en trainster en student binnen de Tibetaans boeddhistische school Annick Nevejan

Het boek dat ter sprake kwam is ‘Het open veld van ervaring’, en verscheen bij uitgeverij Ten Have.

  Meer links:
www.shambhala.nl
www.samyeling.org

Samenstelling: Marlous Lazal
Presentatie
: Ton Maas



Reacties
8-2-2010  zeshin
compassie en mededogen - Quote
Compassie en mededogen

Samen met de notulen van een leden vergadering van de BUN ont ving ik het “handvest voor compassie” van de Engelse schrijfster Karen Armstrong..
Het was een bijlage van de werkgroep geëngageerde Boeddhisten

De vertaler van het handvest ziet compassie en mededogen als synoniemen van elkaar en ziet dit niet als een vermenging van twee verschillende concepten.
Compassie is verbonden aan emotie en is eerder synoniem voor medelijden dan mededogen. In het woord mededogen zit het woord dogen wat verwant is aan dulden, toelaten. Mededogen is “Samen met alle levende wezens” Het mag waar zijn dat alle spirituele tradities de woorden compassie en mededogen hanteren maar het op verschillende manieren interpreteren en het al dan niet verbinden aan emotie en sentimenten.
Het handvest vervolgd, “alle anderen te behandelen zo als je zelf behandeld wil worden.
Binnen het Zenboeddhisme wordt de kyusaku of keisaku gebruikt om mee te slaan. Er zijn in Japan meerdere kyusaku’s op mijn rug in tweeën geslagen en ik heb meerdere kyusakus op de ruggen van mijn leerlingen stuk geslagen. Je kunt als de Jikido patrouilleert door te buigen vragen om geslagen te worden. Menig een heeft hier een grote aversie tegen, mededogen is dat standpunt dulden, de diversiteit van alle levende wezens dulden. Mededogen is commentaar hebben op het handvest compassie. Ze vervolgd: Compassie is onze drijfveer om ons onvermoeibaar in te zetten voor het verzachten van het leed van onze
medeschepselen,. Een mooi en nobel streven, maar zou ze onderschrijven dat de gehechtheid aan het leven de oorzaak van ons leiden is ?
Ik zelf zou deze zin als volgt geschreven hebben: Compassie is mijn drijfveer, ik zal mij onvermoeibaar in te zetten om het leed van alle
schepselen te verzachten. Maar ik ben mij terdege bewust dat sinds Kain zijn broer de hersens insloeg is er geen dag in de wereldgeschiedenis is geweest dat er niet ergens op deze wereld een oorlog woedde. Nog niemand is er in geslaagd om dit leed dit ongeluk, uit de wereld te krijgen, alle wereldverbeteraars ten spijt. Er is maar èèn manier om de pijn te stoppen en dat is “Werkelijk een oplossing willen”. In het radio programma de middenweg ging het over de ramp in Tahiti. Mijn vraag is waarom maakt iemand zich hier druk over. Je word misschien wel boos over deze vraag. Waarom word je boos? Omdat je bevooroordeeld bent en daardoor de vraag niet begrijpt. Deze vraag raakt de kern van de zaak. Waarom doen wij aan hulpverlening? Omdat je jezelf in de ander weerspiegeld ziet. Als je hulp verleent, wie help je dan als je jezelf in de ander herkent? Mijn leraar Tangen Roshi eindigde al zijn leerrede met “Samen met alle wezens in het universum verwerf je Boeddhaschap” Hoe zou je vrede van geest kunnen hebben zolang er nog maar èèn wezen in het universum lijd?
Er is maar èèn oplossing, vanuit honger naar een werkelijke oplossing ‘vleugels groeien’, een religieuze training volgen waardoor je vleugels krijgt en die vleugels worden ‘werkelijk inzicht en werkelijk mededogen’ genoemd.

Ik verwijs het totale handvest naar “absurde compassie” het is een schoolvoorbeeld hoe vanuit sentiment eigen gedachtegoed aan derden wordt opgedrongen.
Gehechtheid aan compassie is egoïsme, de voorwaarde voor licht is duisternis en alleen met vleugels van ‘werkelijk inzicht en werkelijk mededogen’ kun je hier bovenuit stijgen.

Ik zou dit handvest willen vervangen door de vuurpreek van Sakyamuni Boeddha, maar wie ben ik.

16. De Vuurpreek


O monniken alle verschijningsvormen staan in brand. Het oog staat in brand door de verschijningsvormen die het ontvangt Het bewustzijn wat het oog veroorzaakt en de sensatie die het oog overbrengt, plezierig, onplezierig, welke indruk dan ook, de oorzaak hiervan is onze harts¬tocht voor het zien. (Kijken)

Wat is de bron van dit vuur? Het voedt zich met onze pas¬sie voor hartstocht. Hartstocht voor brandende haat en verdwazende genegenheid. Geboorte, ouderdom, dood, leed, geweeklaag, ellende, verdriet, en wanhoop, zijn allemaal uitingen van het vuur wat via onze ogen binnen komt.

Op de zelfde manier staat ons oor in vuur en vlam door de passie voor geluid. De neus staat in vuur en vlam door de passie voor geur. De tong staat in brand door de passie voor smaak. Het hele lichaam brand van hartstocht. En erger de geest staat in vuur en vlam: door brandende ideeë¬n, vurig bewustzijn, verzengende indrukken en smeulen¬de sensaties. En nogmaals zeg ik je hartstocht voor, ge¬boorte, ouderdom, dood, leed, geweeklaag, ellende, verdriet, en wanhoop zijn er de oorzaak van dat je opbrand.

Wat er aan te doen is? O monnik als je wijs bent ontwik¬kel dan een weerzin voor het oog, zijn vormen, het be¬wustzijn wat het oog veroorzaakt, zijn indrukken en gewaarwordingen, ongeacht of ze plezierig, onplezierig of van wat voor aard dan ook zijn. Als je wijs bent ontwikkel dan een aversie voor het oor en zijn geluiden, de neus en zijn geuren, de tong en zijn smaken, het lichaam en zijn gevoelens, de geest en alles wat daarin voorbij trekt.
Als je zo’n weerzin ontwikkelt, dan bevrijd je jezelf van hartstocht. Bevrijd jezelf van hartstocht en je zal vrij worden. Als je vrij bent dan zie je wat je gevangen hield en word je gewaar dat al je wedergeboortes uitgeblust en opgebrand zijn.
Dit is het bewijs dat je een heilig leven geleefd hebt, je roeping hebt vervult,
en niet meer aan deze wereld onderworpen bent.